Vennensleutel


Begrazen

Begrazing kan de opslag van oevergewassen en struweel tegengaan en hiermee de successie in vennen sterk vertragen. Vooral lage vegetaties op droogvallende oevers kunnen hiervan profiteren. Er zijn echter ook omstandigheden waaronder begrazing vooral negatieve effecten heeft op vennen. Vooral langharige koeien hebben de neiging om in de zomer langdurig verkoeling te zoeken in het water. Ze grazen in de omgeving, maar de mest komt dan voor een groot deel in het ven terecht. Dit effect is vooral sterk als er slechts weinig open water is in een begrazingseenheid. Vennen met verlandingsstadia, drijftillen en oevers met hoogveen- of trilveenplanten zijn zeer gevoelig voor betreding. Gaat men over tot het instellen van begrazingsbeheer in een gebied met zulke vennen, dan is uitrastering noodzakelijk om verlies van natuurwaarden te voorkomen.