Natuurontwikkeling
Op veel plekken in Nederland wordt nieuwe natuur ontwikkeld, meestal op voormalige landbouwgronden. Omdat de uitgangssituatie nauwelijks natuurwaarden kent, bestaat hier de mogelijkheid om fors in te grijpen zonder daarmee bestaande natuurwaarden aan te tasten. Toch is ook hier enige bedachtzaamheid op zijn plaats. Wanneer zich eenmaal natuur vestigt is een forse ingreep niet nogmaals mogelijk; er is dus maar 1 kans om het terrein goed in te richten!
Probeer altijd te achterhalen welke natuurlijke systemen hier in het verleden aanwezig zijn geweest, bijvoorbeeld aan de hand van de hoogtekaart van Nederland, bodemkaarten en historische kaarten. De eerste vraag bij natuurontwikkeling zou altijd moeten zijn: zijn er situaties uit het verleden te herstellen. Wellicht waren er in het verleden vennen aanwezig.
Daarnaast is het verstandig om geen inrichtingsmaatregelen te nemen die het natuurlijke hydrologische systeem verzwakken of herstel daarvan onmogelijk maken. Bijvoorbeeld door poelen of “vennen” aan te leggen die door een waterkerende laag heen gaan, waardoor herstel van een schijngrondwaterspiegel onmogelijk wordt.
Aanleg van volledig nieuwe vennen is maatwerk, daar kan hier geen handleiding voor gegeven worden. Het ventype zal worden bepaald door de lokale hydrologie en bodemsamenstelling. De soorten zullen het nieuwe ven moeilijk kunnen bereiken; het is daarom raadzaam om een aantal scheppen bodem uit soortenrijke, bestaande vennen van het zelfde type aan te brengen.