Vennensleutel


IJzer

Een goed functionerende ijzerhuishouding is voor veel wateren essentieel. IJzer kan vanuit het inzijggebied aangevoerd worden met zuurstof- en nitraatarm grondwater of een plas kan een van oorsprong ijzerrijke bodem hebben. De ijzeraanvoer vermindert als de kweldruk van het grondwater afneemt of als ijzer in het inzijggebied achterblijft als gevolg van uitspoeling van nitraat uit landbouw of bossen. Nitraat oxideert de diepere bodemlaag in het inzijggebied; als daar veel nitraat aanwezig is, dan kan daar geen ijzer in oplossing blijven.


Voor een goed functionerende ijzersturing via het grondwater zoals die in vennen plaatsvindt moeten de plassen af en toe deels of geheel droogvallen. Een deel van het ijzer in het systeem kan dan oxideren. Daarbij wordt tweewaardig ijzer (Fe2+) omgezet in driewaardig ijzer (Fe3+), dat goed bindt en neerslaat met fosfaat. Hierdoor blijft een ven fosfaatarm. Daarna zal, in de loop van enkele jaren, dit ijzerfosfaat weer in oplossing gaan in de onderwaterbodem. Het opstuwen of constant houden van het waterpeil waarbij de kans op droogvallen van bodems vermindert leidt ertoe dat meer en meer van het aan ijzer gebonden fosfaat in de zuurstofloze onderwaterbodem in oplossing gaat en beschikbaar komt voor planten. Dit kan in voedselarme plassen leiden tot fosfaatvermesting.

 

A145 1 IJzer en Duizendknoopfonteinkruid.


Figuur: Deel van een beekje dat door een zandrug met ijzerrijk zand is gegraven en hierdoor ijzerrijk grondwater aantrekt. Zichtbaar is een kwelvlies van ijzeroxiderende bacteriën en drijfbladeren van Duizendknoopfonteinkruid (Potamogeton polygonifolius). Foto E. Brouwer.